ECHA breidt verwerking registratiegegevens uit met risicobeheerproces

ECHA breidt verwerking registratiegegevens uit met risicobeheerproces
ECHA breidt verwerking registratiegegevens uit met risicobeheerproces – Het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) wil een stap verder zetten dan het evaluatieproces – dat nog een groot deel van dit decennium zal duren – van de registratiegegevens voor chemische stoffen.

De registratie van informatie over de eigenschappen van elke chemische stof die in de EU wordt gebruikt of verkocht, is tot ver na de uiterste registratiedatum van 2018 nog steeds aan de gang wegens bezorgdheid over de kwaliteit van de gegevens in veel van de dossiers. Het proces van controle en verbetering van de Reach-registratiegegevens duurt naar verwachting tot 2027, wat betekent dat het verzamelen van informatie nog steeds veel van de capaciteit van het agentschap in beslag neemt.

3 redenen om voor Siam software te kiezen

Plamuurmesreiniger
Kleefcoating (wand)
Japanse plamuurmessenset

Gebruik bestaande informatie

Ondanks het jarenlange werk dat voor de boeg ligt om informatie te evalueren, bedrijven om aanvullende tests te vragen en die gegevens ook weer te evalueren, is ECHA begonnen met het opvoeren van de snelheid van zijn risicobeheerproces door gebruik te maken van de gegevens die het al heeft verzameld, aldus directeur risicobeheer Peter van der Zandt. ‘We hebben ons veel beziggehouden met registratie, evaluatie en naleving, maar we moeten ons nu ook gaan richten op risicobeheer’, zei hij in de marge van het Chemicals Forum in Helsinki. ‘We hebben besloten om voor onze beoordeling van de regelgevingsbehoeften gebruik te maken van wat er reeds in de registratiedossiers staat. En dus niet eerst teruggaan naar de bedrijven met de mededeling dat ze moeten blijven testen en wat al niet meer zij, want dat zal jaren duren, voegde hij eraan toe. De stap om de bestaande informatie te gebruiken, kan sommige spelers er volgens hem wellicht toe aanzetten meer openheid te betrachten met aanvullende informatie.

 

Risicobeheerwerk drastisch versneld sinds 2018

Het risicobeheerwerk is al drastisch versneld sinds 2018, en de organisatie sluit op 2.000 stoffen die worden aanbevolen aan de Europese Commissie – het uitvoerend orgaan van de EU – voor risicobeheerwerk, vergeleken met ongeveer 200 vier jaar geleden, volgens vertegenwoordigers van de regelgever.

 

Ingrijpende hervormingen Reach-wetgeving

De geïntensiveerde focus op risicobeheer komt te midden van een voortdurende herziening van het Reach-regelgevingssysteem. Aangekondigd tijdens de Chemicals Strategy for Sustainability in oktober 2020. De Commissie zal naar verwachting in de zomer een effectbeoordeling voor de herziening voltooien, met het oog op de aankondiging van de wijzigingen tegen het einde van het jaar. Volgens vertegenwoordigers van DG Grow kunnen de hervormingen ingrijpend zijn voor sommige delen van de Reach-wetgeving.

 

Mogelijkheden

Volgens senior expert van DG Grow zouden herzieningen van het autorisatiesysteem voor stoffen, die het gebruik van als gevaarlijk beschouwde chemicaliën beperken, volledig geschrapt kunnen worden. ‘[Het] beperkingsproces is te traag om nieuwe uitdagingen – met name hormoonontregeling en persistente stoffen – aan te pakken. We hebben vertragingen gezien en we moeten sneller te werk gaan’, aldus Linher. Andere opties zijn het vergunningenstelsel te laten zoals het is of meer groepen chemische stoffen in te voeren. Nog een andere mogelijkheid is om afwijkingen per sector of eindgebruik toe te staan in plaats van per geval. De omvang van de mogelijke herzieningen wijst erop dat tegen het eind van het jaar belangrijke veranderingen kunnen worden aangekondigd.

 

Uitbreiding en harmonisatie

ECHA zelf heeft volgens de hoofden van de eenheden binnen de organisatie gekeken naar nieuwe methoden om de gegevens te gebruiken. Denk bijvoorbeeld aan een meer geïntegreerde regelgevingsstrategie die gebruik maakt van groeperingen van verschillende chemische stoffen om delen van de opdracht – zoals het identificeren van kandidaten voor risicobeheer – te versnellen. ‘We weten dat het systeem op een aantal punten wordt gewijzigd. We hebben ons daarbij laten leiden door de lessen die we hebben getrokken uit de toepassing van het huidige systeem’, aldus Van der Zandt.

 

Verschillende regelgevingskaders geven verschillende antwoorden

Dit is de drijfveer achter een hernieuwde inspanning om de methodologieën te harmoniseren. De voormalig uitvoerend directeur van ECHA Bjorn Hansen merkte in 2021 op dat de verwachte synergieën tussen Reach en complementaire systemen zoals de Classification and Labelling of Packaging (CLP)-richtlijnen niet tot stand zijn gekomen. Hierdoor dreigt de regelgeving te worden vertroebeld. Hansen zei destijds: ‘We zien in de praktijk dat we soms naar precies dezelfde stof kijken in verschillende regelgevingskaders, en dat de vragen die we uit die verschillende regelgevingskaders krijgen verschillend zijn. […] Dus zelfs als we naar dezelfde stof kijken, is het advies dat we aan de regelgevers geven soms anders, simpelweg omdat het een andere vraag beantwoordt. […] Dit is waar we zien dat één stof, één beoordelingsconcept ons kan helpen om een meer holistische kijk op de regulering van chemische stoffen te krijgen, wat ons ook kan helpen om de methodologieën te harmoniseren. Maar dan moet er ook sprake zijn van enige harmonisatie op regelgevingsniveau.’

 

Centrale mandaat blijft dezelfde

Hoe ingrijpend de hervormingen van de Commissie ook mogen zijn, het centrale mandaat van ECHA – namelijk het verzamelen en beoordelen van gegevens over chemische stoffen – zal volgens Van der Zandt blijven bestaan. ‘Onze missie is altijd dezelfde: wij willen het kenniscentrum zijn voor duurzaam beheer van chemische stoffen’.

 

Financiering

Het nieuws dat er bijna tien jaar extra tijd nodig is om de kwaliteit van de dossiers te verbeteren, kwam kort na de registratiedeadline van 2018. Het vertraagde de plannen van ECHA om het verwachte financieringstekort – ontstaan als als gevolg van het verlies van registratievergoedingen – aan te vullen door zich uit te breiden tot een centraal knooppunt voor de wetgeving inzake chemische stoffen in het algemeen.

 

Onbezoldigde inzet van personeel

ECHA heeft de Commissie bijgestaan bij onderdelen van de strategie voor duurzame chemische stoffen, maar deze extra taken zijn onbezoldigd en zonder uitbreiding van het personeelsbestand uitgevoerd, merkte Hansen vlak voor zijn vertrek terecht op. Het personeelsbestand bleef rond de 650 hangen. ‘Deze ad-hocbijdragen – die bovenop het gewone werk van het agentschap komen – zijn mogelijk gemaakt dankzij de uitzonderlijke inzet en het harde werk van ons personeel, en dankzij de bereikte efficiëntie en de toegenomen risicotolerantie bij onze regelgevingswerkzaamheden,’ schreef Hansen in maart van dit jaar in een brief aan de directeur van de Commissie, Kristin Schreiber.

 

Het belang voor het agentschap

Van der Zandt voegde daar vorige week nog aan toe: ‘Het is waar dat we in een proces zitten waarin bovenop een reeds lopende lopende implementatie een nieuwe beleidsontwikkeling krijgt, waar je ook gevraagd wordt om aan bij te dragen.’Een stapeling van activiteiten derhalve. Desalniettemin heeft het agentschap er belang bij betrokken te blijven bij de ontwikkeling van het bredere wetgevingskader van de EU. Om een bijdrage te kunnen leveren aan en invloed te kunnen uitoefenen op het beleid. Maar ook om mogelijk de kans te krijgen toezicht te houden op nieuwe systemen die in de pijplijn zouden kunnen zitten. ‘We realiseerden ons als agentschap dat het ook in ons belang is om daaraan bij te dragen vanuit onze lering uit het oogpunt van de technische uitvoering. Als we dat kunnen doorgeven aan de Commissie – en zij erin slagen dat te verwerken – dan komen we misschien tot een toekomstig systeem dat beter wordt’, aldus Van der Zandt.

 

Niet nog meer taken zonder extra middelen

Ook volgens Van der Zandt is het extra werk is alleen mogelijk geweest doordat ECHA-medewerkers meer werk op zich hebben genomen bovenop hun reguliere banen. De regulator heeft echter niet de capaciteit om voortdurend meer werk van de Commissie op zich te nemen zonder extra financiering. ‘Dat is ook waar wij als agentschap hebben aangegeven – en waar de Commissie ook mee heeft ingestemd ‘dat als we nieuwe taken krijgen, we ook de extra middelen moeten hebben,’ zei Van der Zandt. We kunnen niet steeds nieuwe taken erbij krijgen zonder extra middelen.’

Bron: ICIS
Lees ook: ECHA’s RAC: Glyfosaat niet kankerverwekkend

Voorbehoud
Deze informatie is met de grootst mogelijke zorg samengesteld, in sommige gevallen uit verschillende informatiebronnen. (Interpretatie)fouten zijn niet uitgesloten. Er kan dus geen enkele wettelijke verplichting aan deze tekst worden ontleent. Iedereen die met dit onderwerp te maken krijgt, heeft zelf de verantwoordelijkheid om zich in de materie te verdiepen!